“Veel ondernemers denken dat de WBSO niet voor hen bedoeld is, terwijl ze juist wél in aanmerking kunnen komen. Vooral softwareontwikkeling en procesverbetering worden regelmatig onderschat als mogelijke WBSO-activiteiten.”
Erik begeleidt inmiddels al meer dan vijftien jaar innovatieve ondernemingen bij WBSO-aanvragen. In die tijd ondersteunde hij uiteenlopende bedrijven: van startups vanuit de Universiteit Twente tot technische mkb-bedrijven en grotere ondernemingen binnen onder meer de software-, machinebouw-, betontechnologie- en maakindustrie.
Wat is de WBSO precies?
De WBSO (Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk) is een fiscale regeling die technische innovatie stimuleert. Bedrijven die werken aan nieuwe producten, processen of software kunnen via de regeling een vermindering krijgen op de loonheffing. Daarmee verlaagt de WBSO de kosten van ontwikkeling en innovatie.
“Veel ondernemers zien de WBSO als een subsidie”, legt Erik uit. “Maar dat is het eigenlijk niet. Het is een fiscale regeling waarbij het voordeel wordt verwerkt via de loonheffing.” Wat de regeling daarnaast interessant maakt, is dat deze in sommige situaties gecombineerd kan worden met andere subsidieregelingen. “Dat weten ondernemers vaak niet, terwijl daar juist extra kansen kunnen liggen.”
Voor welke bedrijven is de WBSO interessant?
De regeling is relevant voor veel meer ondernemingen dan vaak wordt gedacht. Natuurlijk denken veel ondernemers direct aan technische ontwikkelaars of grote R&D-afdelingen, maar in de praktijk is de regeling veel breder toepasbaar.
“Het gaat uiteindelijk om technische ontwikkeling. Dat kan in heel veel verschillende sectoren spelen”, aldus Erik. Volgens hem sluiten ondernemers zichzelf regelmatig onterecht uit. “Sommige bedrijven denken dat ze niet innovatief genoeg zijn of dat ze eerst een complete R&D-afdeling nodig hebben. Terwijl juist ook mkb-bedrijven dagelijks bezig kunnen zijn met technische innovatie.”
Wanneer kom je niet in aanmerking?
Tegelijkertijd valt niet alles automatisch binnen de WBSO. Er moet sprake zijn van technische ontwikkeling én technische onzekerheid. Met andere woorden: er moet een technisch vraagstuk zijn waarvoor vooraf nog niet duidelijk is hoe het opgelost kan worden.
Erik: “Sommige werkzaamheden voelen logisch binnen een ontwikkeltraject, maar vallen toch buiten de regeling. Scholing of algemene optimalisaties zonder technisch knelpunten horen er bijvoorbeeld niet bij.”
Juist daar zit volgens hem vaak de toegevoegde waarde van begeleiding. “Ondernemers weten vaak precies waar ze technisch mee bezig zijn. Onze rol is om de juiste vragen te stellen en die ontwikkeling goed te vertalen naar de regeling.”
Waarom ondernemers kansen missen
In de praktijk ziet Erik dat ondernemers vaak te laat aan de bel trekken. Ontwikkelingen zijn al gestart, investeringen zijn al gedaan of projecten lopen al, terwijl er eerder mogelijk al kansen lagen. “We zeggen eigenlijk altijd: trek vroeg aan de bel. Veel regelingen beginnen al op het moment dat plannen ontstaan. Hoe eerder je schakelt, hoe beter je kunt beoordelen wat mogelijk is.”
Dat geldt niet alleen voor de WBSO, maar ook voor andere innovatie- en investeringsregelingen. “Soms blijkt uiteindelijk dat iets niet past binnen een regeling, maar dan heb je het in ieder geval onderzocht.”
De aanvraag is vaak niet het lastigste onderdeel
Volgens Erik zit de grootste uitdaging meestal niet in de aanvraag zelf, maar in wat daarna komt. “De aanvraag lukt meestal wel, maar daarna gaat het wel eens mis. De administratie wordt regelmatig onderschat.” Vooral bij ondernemingen waar urenregistratie geen standaard onderdeel van het proces is, vraagt dat enige aandacht. “Begin op tijd met bijhouden, niet op een later moment”, adviseert hij.
Wat controleert de RVO bij de WBSO?
De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) controleert steekproefsgewijs of ondernemingen terecht gebruikmaken van de regeling. Daarbij kijkt de RVO niet alleen naar de aanvraag, maar vooral naar de praktijk.
“Ze willen vooral begrijpen wat een onderneming doet en hoe dat wordt vastgelegd. Het is dus niet alleen een papieren controle.”
Volgens Erik zien ondernemers vaak op tegen zo’n controle, terwijl dat meestal niet nodig is. “De RVO komt niet langs met het idee om geld terug te halen. Maar je moet wel aannemelijk kunnen maken dat de werkzaamheden daadwerkelijk zijn uitgevoerd.”
Moore MKW begeleidt ondernemers regelmatig bij zulke trajecten. Van voorbereiding vooraf tot ondersteuning tijdens een bedrijfsbezoek. “Juist doordat we veel verschillende bedrijven en projecten zien, herkennen we snel waar aandachtspunten zitten”, aldus Erik.
De kracht van ervaring en begeleiding
Met een team van subsidieadviseurs ondersteunt Moore MKW al jarenlang technisch innovatieve bedrijven bij WBSO-trajecten. Van eerste beoordeling tot aanvraag en begeleiding tijdens het traject. “We hebben in de praktijk heel veel verschillende projecten gezien. Daardoor herkennen we vaak snel waar kansen liggen en waar ondernemers zichzelf mogelijk onterecht uitsluiten.”
Daarnaast kijken de adviseurs breder dan alleen de WBSO. Denk bijvoorbeeld aan de combinatie met andere subsidieregelingen of fiscale voordelen, zoals de Innovatiebox. Dat zien we in de praktijk onder meer terug bij innovatieve ondernemingen zoals Meulenbroek en Winterwarm.
Benut jij alle kansen van de WBSO?
Werk je aan technische innovatie en twijfel je of jouw onderneming in aanmerking komt voor de WBSO? Dan is het volgens Erik vooral belangrijk om niet te lang te wachten. “Nee heb je, ja kun je krijgen. Veel ondernemers realiseren zich niet hoeveel mogelijkheden er eigenlijk zijn.”
Neem vandaag nog contact op. Erik en onze andere subsidieadviseurs denken graag met je mee over de mogelijkheden voor jouw onderneming!
Neem contact op
Contact
- Subsidieadviseur