Voorbladartikel in het FD
De rekening voor de overheid van het box 3-debacle dreigt honderden miljoenen euro’s hoger uit te vallen dan geraamd. Volgens de Belastingdienst hebben mensen die te veel vermogenstaks hebben betaald bij belastingteruggaaf ook recht op een rentevergoeding. Het ministerie van Financiën zegt op korte termijn een beslissing te verwachten over deze belastingrente.
Financiën lijkt te zijn overvallen door de tegenvaller. De rentevergoeding is onbesproken gebleven bij de totstandkoming van de tegenbewijsregeling. Met deze regeling kunnen belastingplichtigen sinds vorige week te veel betaalde vermogenstaks terugvragen. Om
geld terug te krijgen moeten zij aannemelijk maken dat hun inkomen uit sparen en beleggen in een belastingjaar lager is uitgekomen dan het veronderstelde rendement waarop de fiscus de voorlopige aanslag baseerde. Hiervoor is het formulier Opgaaf Werkelijk Rendement
(OWR) beschikbaar.
Financiën wil over de belastingrente alleen kwijt dat daar binnenkort een besluit over valt. Maar in een webinar op 3 juli voor fiscale dienstverleners zei de inhoudsdeskundige van de Belastingdienst dat belastingplichtigen van wie in de aangifte alleen vermogensrendement is aangepast, recht hebben op rentevergoeding.
Dan gelden de standaardregels voor belastingrente, legt de vaktechnisch coördinator uit. De fiscus vergoedt rente over belastingteruggaaf als zij de aangifte ongewijzigd overneemt in de aanslag, maar de aanslag te laat oplegt. De opgaaf werkelijk rendement beschouwt de fiscus niet als een wijziging van de aangifte, aldus de coördinator. Die concludeert: ‘U krijgt belasting terug, op dat moment wordt belastingrente vergoed.’
De rentevergoeding levert belastingbetalers een aardig extraatje op. Wie bijvoorbeeld in 2023 bijtijds aangifte heeft gedaan en in 2026 volgens de definitieve aanslag voor dat jaar €10.000 belasting terugkrijgt, kan zo’n €1000 aan rente tegemoetzien. De belastingrente inkomstenbelasting was 7,5% in 2024 en is 6,5% in 2025.
Wat voor de belastingbetaler een meevaller is, is voor de schatkist een tegenvaller. In de geraamde derving als gevolg van de tegenbewijsregeling is met geen woord gerept over de belastingrente. De belastingbedragen die Financiën denkt te moeten terugbetalen, variëren van € 489 miljoen voor 2021 tot € 2,136 miljardd voor vorig jaar. Sinds 2021, het jaar waarin de Hoge Raad een streep zette door de vermogensrendementsheffing omdat die in strijd was met Europees recht, heeft de Belastingdienst aanslagen met daarin box 3-vermogen opgeschort.
Hoe hoog de rentevergoeding is over de belastingteruggave, hangt af van het moment waarop belastingplichtigen aangifte hebben gedaan en de Belastingdienst definitieve aanslagen heeft opgelegd. De rente begint namelijk dertien weken na de aangifte te lopen en eindigt zes weken na de aanslag.
Als de politiek conform de informatie van de fiscus beslist dat rente moet worden vergoed, dan kost de tegenbewijsregeling de schatkist al snel € 400 miljoen extra boven op de geraamde terug te betalen belasting, die optelt tot € 5,5 miljard. Als de politiek anders besluit, ligt het voor de hand dat gedupeerden naar de rechter stappen om alsnog een rentevergoeding af te dwingen, zoals het hele box 3-dossier doorspekt is met rechtszaken.
De financiële tegenvaller lijkt te zijn beperkt doordat de Belastingdienst vanaf de tweede helft van vorig jaar definitieve aanslagen voor 2021 is gaan opleggen, zegt Wouter van Dam, fiscalist bij accountants en advieskantoor Moore MKW. Als er eenmaal zo’n aanslag ligt, is de fiscus geen belastingrente meer verschuldigd. Dat staat zo in de wet.
Het officiële argument om de aanslagen voor 2021 niet langer aan te houden was dat de termijn van drie jaar waarbinnen de aanslag moet zijn opgelegd dreigde te verlopen. Om dezelfde reden start de Belastingdienst rond deze tijd met het opleggen van aanslagen voor 2022. Wie meent in beide jaren te veel vermogensbelasting te hebben betaald, kan nog steeds geld terugkrijgen. Maar rentevergoeding voor die jaren is dan niet langer vanzelfsprekend, aldus de vaktechnisch coördinator tijdens het webinar begin juli. Dáárover moest nog een besluit worden genomen, zei hij toen.
Demissionair staatssecretaris Tjebbe van Oostenbruggen (Fiscaliteit, NSC) wees in maart verlenging van de wettelijke termijn waarbinnen de definitieve aanslag moet zijn opgelegd van de hand. De bewindsman zei bij die gelegenheid niets over de rente die belastingbetalers dreigen mis te lopen als de verjaringstermijn onveranderd blijft, en hoeveel financieel voordeel de overheid hiervan heeft, merkt Van Dam op.
Het artikel kun je ook lezen op de website van het Financieele Dagblad: Tegenvaller box 3 voor schatkist mogelijk honderden miljoenen hoger
Meer weten?
Wil je meer weten over de inhoud van dit artikel? Neem contact op met je vaste contactpersoon bij Moore MKW of met Wouter van Dam.
Meer weten?
Contact
- Vaktechnisch officer