Einde uitzendcontract mogelijk bij ziekte van uitzendkracht?

Bij toepassing van het uitzendbeding kan de uitzendovereenkomst zonder nadere motivering en zonder opzegtermijn eindigen, ook bij ziekte van de uitzendkracht. Dat is door deze recente uitspraak van de Hoge Raad niet langer mogelijk.
Personeel en salaris 3

Uitzendovereenkomst met uitzendbeding

In uitzendovereenkomsten is voor de beginperiode vaak een uitzendbeding opgenomen, dat geldt voor de eerste 26 weken van het uitzendcontract. Deze wettelijke termijn kan bij cao (ABU en NBBU), worden verlengd tot maximaal 78 weken. Voor NBBU-leden geldt de NBBU-cao die inhoudelijk dezelfde arbeidsvoorwaarden bevat als de ABU-CAO.

Einde van de uitzendovereenkomst met uitzendbeding

De uitzendovereenkomst met uitzendbeding eindigt:

  • van rechtswege doordat de opdrachtgever om welke reden dan ook de uitzendkracht niet langer wil of kan inlenen, of,
  • doordat de uitzendkracht om welke reden dan ook, daaronder begrepen arbeidsongeschiktheid, de bedongen arbeid niet langer wil of kan verrichten.

In geval van arbeidsongeschiktheid van de uitzendkracht wordt de uitzendovereenkomst met uitzendbeding direct na de ziekmelding geacht met onmiddellijke ingang van rechtswege te zijn beëindigd op verzoek van de opdrachtgever.

De wettelijke regeling is dat de uitzendovereenkomst eindigt, doordat de terbeschikkingstelling van de uitzendkracht aan de inlener op verzoek van de inlener ten einde komt.

Vraag Hoge Raad

Is de in de cao’s ABU en NBBU opgenomen bepaling rechtsgeldig; de uitzendovereenkomst eindigt van rechtswege bij ziekte van de uitzendkracht? De Hoge Raad oordeelt dat dit niet het geval is. De uitzendovereenkomst kan alleen eindigen, als de inlener daadwerkelijk een verzoek doet tot beëindiging van de terbeschikkingstelling van de uitzendkracht.

Toelichting op oordeel Hoge Raad

De Hoge Raad oordeelt dat het uitzendbeding ook bij ziekte van de uitzendkracht tot beëindiging van de uitzendovereenkomst kan leiden. Dat is niet in strijd met het wettelijke ontslagverbod bij ziekte.

Wel is dan vereist dat de inlener daadwerkelijk een verzoek tot beëindiging van de terbeschikkingstelling van de uitzendkracht doet. Het gedeelte van de cao-bepaling dat inhoudt dat de terbeschikkingstelling in geval van ziekmelding geacht wordt te zijn beëindigd op verzoek van de inlener, is daarom volgens de Hoge Raad niet geldig.

Deze koppeling van het einde van de uitzendovereenkomst aan een fictief verzoek van de inlener tot beëindiging van de terbeschikkingstelling, doet afbreuk aan de rechtspositie van de uitzendkracht en is daarom niet toelaatbaar.

Aanpassing tekst cao ABU

De ABU heeft de tekst van artikel 15 van de cao al gewijzigd per 1 juli 2023. Met ingang van 1 juli 2023 wijzigen de leden 1 t/m 3; lid 1 luidt dan als volgt:

Einde van de uitzendovereenkomst met uitzendbeding. De uitzendovereenkomst met uitzendbeding eindigt van rechtswege:

  • zodra de in de uitzendovereenkomst overeengekomen einddatum is bereikt;
  • aan het einde van de beginperiode (fase A / 1-2);
  • als de terbeschikkingstelling van de uitzendkracht door de uitzendonderneming aan de opdrachtgever eindigt:
    • op verzoek van de opdrachtgever, omdat de opdrachtgever om welke reden dan ook de uitzendkracht niet langer wil of kan inlenen. Gedurende arbeidsongeschiktheid van de uitzendkracht eindigt de terbeschikkingstelling niet waardoor ook de uitzendovereenkomst niet eindigt;
    • doordat de uitzendkracht om welke reden dan ook de bedongen arbeid niet langer wil of kan verrichten, tenzij de uitzendkracht de bedongen arbeid niet verricht in verband met arbeidsongeschiktheid.

Gedurende de arbeidsongeschiktheid van de uitzendkracht eindigt de uitzendovereenkomst nog wel zodra de in de uitzendovereenkomst overeengekomen einddatum is bereikt.

Neem contact op

Contact

Mr. Thessa van Zoeren
Thessa van Zoeren

Adviseur arbeidsrecht

+31 (0)53 303 43 36

Deel dit artikel